Vanmorgen met Siep in de kerktuin gezeten op mijn gele stoeltje. Siep zat vlak naast me zodat we lekker konden babbelen. Ik tenminste. Hij zei niet zo veel.

Ik heb geprobeerd zonder voortekening direct te schilderen, wat ik bijna nooit doe. Meestal zet ik wel een paar lijnen en laat ik het aquarel voor thuis, omdat het buiten zo licht is op mijn papier. Maar ik heb een weekje geoefend in mijn tuin en dacht dat ik de sprong maar moest wagen.

Beginnend met de lichte tonen, zover was ik wel. Mijn God, wat is dat moeilijk. En je moet vooral wachten tussendoor om de zaak niet te bederven, en het moet geen nat-in-nat aquarel worden in mijn boekje met gewoon papier. Aan de éne kant met enthousiasme schilderen, maar aan de andere kant je kop gebruiken en bedenken wáár. Als je het heel erg slecht vindt is het jammer, ik moet dit nog een beetje vaker doen.

Anyway, het was leuk, ik heb genoten van het licht, de jonge bladeren, het contrast en van mijn trouwe poes.

Feest!

Het smalle paadje in de kerktuin is helemaal dichtgegroeid, dus ik mag het weer plattrappen. Zielig, maar toegestaan. Terwijl ik dat doe zie ik mijn voeten verdwijnen onder de frisgroene daslookbladeren en stijgt een sterke uiengeur op. Ik houd niet van die geur, maar het hoort er wel echt bij. Dus links heb ik mijn voeten getekend en die geur. Maar al gauw hurkte ik bij de eerste plant die bloeide en ben alles gaan tekenen. Zonder plukken, en dat voel je aan je knieën. Ik had mijn gele stoeltje meegenomen, maar je kunt niet overal zomaar tussen gaan zitten.

Ik ben in mijn enthousiasme vergeten na te denken over een compositie. Dan krijg je dus een bladzijde met allemaal gekrioel. Dat wordt een chaos, waardoor niets meer aandacht krijgt.
Oplossing1: Elke plant een kader geven en de omgeving kleuren. Oplossing 2: de achtergrond inkleuren en een kader om de bladzijde heen. Oplossing 3: de volgende keer nadenken.

Wat beter is: af en toe iets sterk vergroten, zodat het perspectief verandert. Volgende keer.

ZON! En heerlijk warm. Wat een rust krijg je dan over je.

Dus mijn gele stoeltje mee en een plekje zoeken in de kerktuin. Niet voor mezelf maar voor datgene wat ik wil tekenen. Want ik viel op het huis aan de Hoofdstraat. Dat is nu nog te doen omdat de struiken nog niet groen zijn. De zon scheen heel mooi op de zijkant van het huis. Je zou juist denken dat de zon kleuren lichter maakt, en dat is ook zo, maar met aquarelverf moet je juist meer pigment gebruiken om effect te krijgen. Kijk maar naar de kleur napels geel die in de ornamenten zit. Dit heb ik trouwens pas thuis gedaan. Ik vind het nog steeds lastig om ter plekke aquarel te gebruiken.

Links heb ik geprobeerd een stuk van de kastanje te tekenen in potlood. Ten eerste is het heel erg lastig om het juiste stuk steeds te vinden, met andere woorden: de concentratie op het plekje wat je aan het tekenen bent. Aan tafel dek ik de rest van de plant af met een papiertje als het te ingewikkeld wordt (bijvoorbeeld met een varen) , maar dat is in dit geval wat lastig…….

Verder heb ik het aangevuld met kleine dingetjes uit mijn directe omgeving. Dat is het principe van Nature Journaling, maar daarvoor moet je wel op de grond kunnen zitten. En thuis heb ik de bladzijde helemaal afgemaakt, waar ik ook nog een uur mee bezig ben geweest. Ik krijg weer helemaal zin om les te geven!!

Heel koud. Heel nat.

Ik heb geprobeerd om staand en snel de uitlopende bladeren van de kastanje te schetsen, zonder op mijn papier te kijken, dus ‘blind’. Met een vulpen, wat niet heel slim is als het gaat regenen.

Dus ik heb er geen woorden voor.

Rust. Stilte. Maar dat is hier niet anders dan normaal. In de rest van het land werken mensen zich uit de naad om anderen te redden van de dood. Het corona-virus houdt de hele wereld in zijn greep.

Ik voel me schuldig hier in het zonnetje met de poes op aaiafstand. En mijn tekenspullen op de grond. Het is zulk prachtig weer dat ik mijn gele stoeltje heb meegenomen om rustig te tekenen in plaats van een snelle koude schets. En de poes ging mee, de schat. In Amersfoort gingen we altijd samen naar een gemaaid grasveldje tussen de crocussen, en hier zitten we op een wild grasje tussen de stinzenplanten, bijna hetzelfde dus. Ik zou alleen willen dat ik deze rust kon delen. Dat er meer mensen konden genieten van de sfeer en de inspiratie. Dat is nu even niet zo handig omdat we afstand van elkaar moeten houden. Dus doe ik het maar digitaal.

Ik zou iedereen die menselijk contact mist, willen adviseren: leg contact met de natuur. Het is een stille, bloeiende kracht die doorgaat, virus of geen virus. Elk jaar weer komen de knoppen aan de bomen. Elk jaar weer bloeien de hyacintjes. Geniet van de kracht, de rust en de levenslust van de natuur. Ik leef er al mijn hele leven van.