35. Fuchsia magellanica ‘Riccartonii’ – winterharde fuchsia

(Ik heb een tijdje gezocht naar de juiste spelling, maar volgens mij is dit het).

Mijn winterharde Fuchsia staat voor het raam van de winterkamer. Hij staat daar natuurlijk expres, om in de saaie maanden nog wat kleur te produceren, want hij bloeit lang, heel lang. Tot in december. Het is een grote struik die tot bovenaan het raam komt. Minstens 1,80 meter. Er was dit jaar even twijfel of hij bevroren zou zijn, omdat hij zo laat op gang kwam, want hij bleef maar kaal. Meestal snoei ik dan, om de groei te bevorderen, maar dat heb ik gelukkig niet gedaan. Opeens begon hij groen te worden en in een mum van tijd bloeide hij. En nu is hij stampvol bloemen tot bovenin de struik en geniet ik er enorm van. Vooral omdat ik er een gele Thunbergia in laat klauteren.

Vorig jaar heb ik stekken gekregen van een mooie witte Fuchsia, met een heel zacht roze blosje. Prachtig, maar de stekken hebben de winter niet overleefd. Dus nog eens proberen. Wat een prachtplanten zijn dit toch, en zo vrolijk makend. En ze passen in elke tuin.

Ik had een Fuchsia willen combineren met mijn bloeiende Vitex, maar ze passen niet bij elkaar qua vorm. De Vitex staat wijd uit en de Fuchsia slingert zich daar een beetje tussendoor. Het was niet mooi, dus staan ze nu apart, maar wel in elkaars (mijn) gezichtsveld.

34. Lathyrus latifolius – brede lathyrus

Deze Lathyrus is een inheemse plant. Je kunt hem tegenkomen op verlaten veldjes, bouwgrond en bij spoorlijnen. Er staan prachtige planten vol bloemen langs het spoor bij Hoogeveen. Vorig jaar bloeiden ze samen met zeepkruid. Ik zag het omdat de trein daar een tijdje stil stond wegens drukte op het spoor. Ik heb het meteen genoteerd in mijn schetsboekje en thuis uitgevoerd. En wat denk je? Dit jaar was het zeepkruid eerder uitgebloeid, dus vergeet het maar, die fraaie combinatie.

De brede lathyrus is geweldig. In de natuur slingert hij zich over andere planten heen en richt zijn bloeistengels verticaal de hemel in. Dat is goed om te weten want het blad en de stengels worden al snel lelijk. Ze komen vol vraat van slakken te zitten en meeldauw maakt het er niet mooier op. Ik hem hem geplant tussen mijn muurtje met rotsplantjes en de kas. Dat is een smal stukje grond met grind. De stengels liggen plat op de grond tussen de stelen van het zeepkruid en bloeistengels komen zoals verwacht omhoog tot boven de muur. Dat is een lollig gezicht.

Ik haal elke dag de uitgebloeide stengels weg, net als bij de gezaaide lathyrus. Het scheelt een heel stuk in het doorbloeien van de plant. Bovendien is het een fraaier gezicht. Ik heb twee exemplaren: een subtiele witte met ietsje roze, en deze knallende roze.

33. Vitex agnus-castus – monnikspeper

Deze struik heb ik voor het eerst gezien op een strand bij Porto Vecchio op Corsica. Hij stond aan de vloedlijn tussen al het aangespoelde spul uit zee, en bloeide overdadig. De struik was zeker 2 meter hoog en op de lage bloemtrossen zag ik allerlei prachtige insecten. Onder andere een enorme kever met prachtige zwart-gele tekening. Ik heb de plant getekend in mijn ‘Schaduwflora’. Ik vond vooral de combinatie van de bloemen met de prachtige handvormige bladeren mooi. Een eindje verderop stonden trouwens Panctratiumlelies, witte narcis-achtige bloemen op een korte steel recht uit het zand omhoog. Ik wist niet wat ik zag, betoverend. Ik heb er op mijn buik naast gelegen om ze van dichtbij te bekijken.

De kuisheidspeper werd vroeger gebruikt om het libido van monniken een beetje te verlagen waar nodig, vandaar de naam. Ze kwamen dus voor in kloostertuinen. Het is een fantastische struik die rechtop een aantal lange stengels maakt. Aan de top daarvan bloeien deze bloemtrossen in een mooie kleur paars. De kleur is welkom in augustus, net als je denkt dat de zomer voorbij is en er niets meer bloeit na een warme periode. Deze Vitex groeit dus op Corsica en daar is het meestal nog een beetje heter. Het was toen 42 graden. Een goede aanvulling voor de tuin van de toekomst dus. Ik geef hem geen extra water en de insecten zijn massaal blij met de bloemen. Ik zie allerlei grote en kleine hommels.

Ik heb ooit een Vitex gezien die nooit gesnoeid was. Dan maakt hij op elke knoop een zijtak zodat het een gigantisch brede en hoge struik wordt en de bloemen aan de dakrand van je huis bloeien. Dus het is slim om hem elk vroeg voorjaar helemaal bij de grond af te snijden of op een meter hoog bij elke tak, zoals ik zelf doe. Dan krijg je een boompje met mooie takken. Dit jaar heb ik er een mini keienstrandje onder gemaakt zodat de takken mooi uitkomen. Het enige nadeel van de struik is dat hij zo laat in blad komt. Dus rond de vier stammetjes heb ik muurbloemen geplant die de blik in het voorjaar een beetje afleiden van de kale takken.

32. Hibiscus syriacus ‘Lady Stanley’ – Chinese roos

Een paar jaar geleden kocht ik de gewone blauw paarse Hibiscus. Een ouderwetse struik eigenlijk die op het moment weer behoorlijk populair is. Mijn moeder had hem vroeger in de tuin en ik had zowaar iets van heimwee. Hier in Warffum staat hij prachtig tegen een zonnig muurtje van onze oprit. En hij bloeit overdadig.

En toen zag ik deze bij een bouwmarkt. Op een foto aan de plant, maar zonder bloem. Dus dan moet je altijd maar afwachten of je inderdaad een rood gestreepte hebt. (Ik zal maar niet uitweiden over alle pogingen die ik gedaan heb om een wit bloeiende Lavatera te krijgen. Ze hangen er altijd een mooie kaart bij met de goede kleur. Tot hij gaat bloeien. En dan is het zo’n verschrikkelijke knalroze kleur waar ik er dus al vier van heb).

Op het gevaar weer een blauw paarse te hebben, kocht ik de plant en zette hem tegen het tweede muurtje van de oprit.

En nu bloeit hij. En precies dezelfde prachtige rode strepen als op de foto. En die mag ik nu tekenen. Wat heb ik toch een heerlijk vak.