Grasveldje Olivierplaats, Amersfoort, dinsdag 29 maart 2016

narcissen olivierplaats 29 maart 2016
De narcisjes bloeien! Op het kleine grasveldje tussen de flats in Schothorst staat een hele plak kleintjes tussen het gras. Het zijn gele narcisjes met een oranje hart. Op tuinbouwschool ‘Huis te Lande’ leerden we dat zo’n hart een cup heet. Moet je als oudere leraar niet zeggen tegen een klas vol jonge meiden, die prompt vragen: ‘Meneer, bestaat er ook een cup D?’ Maar mijn leraar (Wim Oudshoorn) ging daar speels mee om en vertelde dat er ook narcissen zijn met AA. Narcissus jonguilla. Ik zag ze van de week na jaren weer terug in de middenberm van de doorgaande weg in Hoograven in Utrecht. Daar staan allerlei botanische narcisjes door elkaar. Ze ruiken heerlijk, maar helaas niet als je in een auto voor het stoplicht staat te wachten. Wel leuk dat de plantsoenendienst ze daar dus heeft aangeplant.

Ik ben blij dat er steeds meer botanische narcisjes worden geplant. Ze zijn niet zo overaanwezig als die grote gele. Die vind ik net zo irritant als de struiken Forsythia die straks bloeien. Ze zijn een beetje al te heftig tussen de nog kale bomen en struiken. Er blijken andere Forsythia’s te bestaan die heel prachtig lichtgeel zijn, onbekend alleen. En Corylopsis, voor de liefhebbers, is wondermooi.

Eindelijk is het voorjaar. Zij het met af en toe prachtige donkere hagelwolken. Ik houd wel van dat weer. En straks barst alles de grond weer uit met genoeg materiaal om te tekenen.

Opgezette nerts, Atelier, Amersfoort, dinsdag 22 maart 2016

opgezette nerts 22 maart 2016
Als ik op weg ga naar een locatie om te schetsen, of beter, zo maar de deur uit met mijn tekenspullen, weet ik niet wat ik zal aantreffen. Ik weet hoogstens welke kant het op zal gaan, vanwege het weer of de tijd van het jaar, binnen of buiten. Ik teken datgene wat mijn aandacht roept, en achteraf blijkt het datgene te zijn wat mijn gevoel weerspiegelt, als een illustratie bij mijn gedachten. De filosofie achter ‘vindsels’ en mijn vroegere Vindselmuseum.

Maar vandaag ben ik de deur uit met een duidelijk gevoel: verwarring en onmacht. Omdat er vanmorgen terroristische aanslagen zijn gepleegd in Brussel waarbij doden en gewonden zijn gevallen. Zomaar. IS.

Heeft het wel zin dat ik teken? Wat schiet de mensheid er mee op? Van die vragen; en ik weet dat het logisch is dat je twijfelt aan je eigen kunst, want dat hoort erbij. Op zo’n dag vragen veel mensen zich trouwens af of het zin heeft wat ze doen. Alleen wil ik juist niet weten wat ik voel, want dan moet ik gaan tekenen over angst of onmacht, en zo werkt het niet. Ik ben geen cartoonist. Blijkbaar moet mijn gevoel niet te duidelijk zijn, want dan kan ik er niets mee. En ik hoor de dingen om me niet ‘roepen’.

Ik besloot naar een plek te gaan waar ik me lekker voel, dat ten eerste. Eén van die plekken is de kringloop in Naarden. Ik heb er heel lang rondgelopen, mooie dingen gevonden en gekeken. Mijn nieuwe schat: een opgezette nerts. Een prachtige roodbruine vacht en een lief koppie met kraalogen, met een barst in zijn opgezette huid. Ik ben er heel gelukkig mee. Thuis heb ik hem liefdevol getekend met kleurpotlood. De psychiater mag zeggen waarom, alleen hoef ik het niet te weten.

Boulevard, Olhão, Algarve, Portugal, vrijdag 18 maart 2016

Boulevard Olhão 18 maart 2016
Geen dinsdag dit keer. Dit is getekend op de laatste dag van de schetsweek in Portugal. Het was een heerlijke week, droog en warm. Zo zonnig dat we allemaal gezonde gezichten hebben en lekker gekleurde armen.

Deze laatste dag was bedoeld om mensen te schetsen in de markthal en daarbuiten. Vooral houdingen, want portret is te dichtbij en te bedreigend voor de meeste mensen. Ik vind het belangrijk dat je durft te schetsen ook al heb je geen cursus modeltekenen gehad. Dus men ging dapper aan de slag, hoewel de batterij bij de deelnemers wel een beetje leeg was geloof ik. Maar gelukkig mocht shoppen ook van juf.

Pas op zo’n laatste dag heb ik zelf eigenlijk de rust om relaxed te schetsen. Ik heb op één van de vier betegelde banken gezeten op een muziekpleintje naast de vismarkt en uitgebreid genoten. De voorstellingen op de tegels gaan over de historische reizen vanuit Portugal naar andere werelddelen. Maar dat zie je gelukkig niet vanuit de verte…, alleen verschillende kleuren blauw en een klein geel lijntje. Van de Araucaria aan de rechterkant heb ik apart nog een grafische studie gemaakt. De laatste van de schetsreis.

Elk reisschetsboek eindigt met een ‘afscheidkus’. Ik zoek naar een voorwerp waarmee k een zoen of een kus kan uitbeelden, dus iets dat een mond lijkt. Dat teken ik op de laatste bladzijde van het boek. Dit jaar vond ik een zogenaamde chu-chu (Sechium edule). Dat blijkt een komkommerachtige uit Midden-Amerika. Maar voor mij is het een vette kus van een tandeloos Portugees vrouwtje. Smak.

De tuin van mijn ouders, Zetten, dinsdag 8 maart 2016

Tuinpad van mijn ouders 8 maart 2016
Langs het tuinpad van mijn moeder. Daar groeien de leukste voorjaarsbloemetjes in de goed verzorgde, nog zwarte, tuin. Ik heb op mijn hurken gezeten en geprobeerd zo snel mogelijk die kleine dingetjes te tekenen. Dat viel helemaal niet mee. Hoewel: in een kwartiertje tijd heb ik toch heel wat gedaan.

Thuis inkleuren met een klein veegje aquarel. Ik had toch mijn kleurenkaartjes moeten meenemen, want hoe ‘oudroze’ was die Helleborus nou precies? Voor mijn cursisten Schetsen op Reis, die landschappen leren schetsen, adviseer ik altijd om met kleuren te associëren. Dat betekent dat je bij de schets schrijft wat jouw associatie is met de kleur: is het de bank van je oma, de auto van de buren, de jas van je vriendin? Meestal is dat handig, en het maakt niet zo heel veel uit wat voor kleur een landschap precies is. Dat kan roestbruin zijn, maar een ander ziet misschien oranje. Ik vind het juist leuk als de emotie een kleur feller of doffer maakt. Voor sfeer-impressies is emotie ook veel belangrijker.

Maar bloemen hebben doorgaans hun specifieke eigen kleur: oudroze voor een Helleborus…? In dit geval was die associatie niet genoeg. Dus heb ik maar wat gegokt.

Restaurant Ikea, Amersfoort, dinsdag 1 maart 2016

Restaurant Ikea 1 maart 2016
Ideaal, bij Ikea. Je kunt met een kopje koffie op een zwartleren bank gaan zitten en uren schetsen. Moet je wel je etui meenemen en niet in de auto laten liggen, want dan kun je weer helemaal naar beneden, sterker nog, je moet de hele winkel door. Godzijdank zijn er kleine tussendoortjes, maar het is toch weer een hele wandeling. Enfin, een half uur later zit ik weer op die bank en is het restaurant overvol. Kennelijk gaan heel veel mensen speciaal hierheen om te lunchen. Veel grootouders met kleinkinderen trouwens.

Vlak voor me zitten een donkere moeder en dochter en op de bank daarachter een bloedmooie donkere vrouw met baby. Ze heeft een zwart shirtje aan met heel lage hals waardoor haar slanke nek mooi uitkomt. En ze houdt haar theeglas met waterplanten heel gracieus vast met haar lange vingers. Ze lijkt mij een fotomodel. En als ze dat niet is, kan ze het worden. Teken dat maar eens met een zwarte Pentel Brush! Dat is een penseel met inktreservoir waarmee elke penseellijn dodelijk kan zijn. Hetzelfde als sumi-é, maar dan in het wild. Heel, heel moeilijk. En toch wil ik het zo. Ik wil de spanning van een lijn die óf hartstikke fout is óf helemaal raak en prachtig. Het is een soort sport, die ik heerlijk vind. Dus: “… gewoon blijven oefenen …”, hoor ik mijn oude coach oom Bob in gedachten zeggen. Ik ben nu 57; leer ik het ooit?

Leuk, hoe je mensen ontmoet tijdens het schetsen. Modellen die het in de gaten hebben en zich afvragen wat ik doe, andere mensen die het proces zien en zich afvragen of het om een opdracht van mij gaat, kortom, er ontstaan heel subtiele ontmoetingen door middel van knipogen en snelle blikken.