Tweede Kerstdag. De Menkemaborg zou helemaal verlicht zijn met echte kaarsen en op het kabinetorgel zou Hans Nomen spelen; onze dorpsgenoot. Volgens de krant en de flyers. Ik ben er geweest om een uur of drie, toen het nog niet helemaal donker was, maar al wel erg sfeervol. En druk.

Je kunt de kamers niet in, maar ik had gehoopt dat dat vandaag wel zou mogen. Ik voelde me tenminste een beetje teleurgesteld. Het was dus turen vanaf de kleine plek bij de ingang achter het rode touw. Gelukkig kon ik een beetje tegen de deurpost leunen om te schetsen. Opeens scheen er een dikke straal zon door het hoge raam op alles wat goud was en de pijpen van het orgeltje begonnen te stralen. Dat wilde ik onthouden en thuis proberen weer te geven. Mooi sfeertje, terwijl je ook nog mooie muziek hoort. (Eigenlijk doe ik aan mindfullness, maar dan in een paar seconden). Een meneer en een mevrouw naast me keken mee in mijn boekje en we raakten aan de praat. Over schetsen, over essentie en snelheid. En het belangrijkste: over herinneringen. Want dat is mijn eigenlijke doel. Dat ik later als ik groot ben op mijn stoel achter de geraniums zit te mijmeren over die mooie middag in december.

Omdat tussen Hans en mij een mijnenveld van beveiliging lag, heeft hij me op afstand toestemming gegeven voor het publiceren van deze schets. Waarvoor dank.

Kampioenschap van de Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers afdeling provincie Groningen in de Op Roakeldaishal te Warffum. In onze grote danshal stonden rijen kleine kooien, zo’n 3 boven elkaar met tl-lampen erboven. Langs alle wanden, maar ook dwars erop, zodat er honderden vogels te zien waren. Allemaal op soort bij elkaar, en een groot rozet voor elke winnaar. In het midden van de ruimte twee grote kooien met mooie struiken en takken erin. In één van de kooien bleken bij nader inzien glansgroene spreeuwen te zitten.

Ik heb mijn ogen uitgekeken. Wat een prachtige soorten allemaal, en alles wat ik hoopte te zien was er. Goudamadines natuurlijk, zebravinkjes, prachtrosella’s, halsbandparkieten en duifjes. Heerlijk. Ik had natuurlijk voor de zekerheid mijn schetsboekje meegenomen, maar niet de kleurenkaartjes. Nou was dat ook geen doen geweest, om voor elke kooi met die kaartjes te klooien. Maar het resultaat is dat ik thuis te weinig informatie had. Bruin…ja. Wat bruin? Hoe bruin?

Het allermooiste waren de langstaartglansspreeuwen. Wat een naam. Superslanke vogels met een enorme staart, in de kleuren paars, groen en blauw: maar allemaal in een metallic-uitvoering. In eerste instantie zie je een lange, donkere, slanke vogel met een iets kromme dunne snavel, maar als je dan een tijdje staat te kijken zie je opeens puur paars in zijn staart. En groenblauw op zijn rug. Helemaal geweldig. Ik heb ze getekend door van vier vogels in aparte kooien één model te maken. Ze waren zo beweeglijk dat het veel energie kostte. Ik vroeg een paar mannen die naast de kooi zaten of die vogels van hen waren. Dat niet, want ze waren veel te duur.

Gisteren mijn kleine bruine tekenboekje over onze dikke wit-rode poes Percipio nog eens doorgebladerd. Vorig jaar heb ik regelmatig schetsen van hem gemaakt als hij op de cursustafel lag onder een stel halogeenlampjes. Hij vond het allemaal prima, en bleef meestal de hele avond keurig stil liggen. Op dat bruine papier is het een feest om hem te tekenen. Aan de andere kant van hetzelfde boekje was ik ooit begonnen met mijn andere kat, cyper Eureka. Ik heb alle kleuren uitgezocht met nummers erbij, dus die kan ik zo grijpen. En een paar keer heb ik geprobeerd hem te schetsen, maar hij houdt niet van model liggen. Hij is iedere keer weg als ik een half oor af heb.

En vandaag ging hij midden op de tafel zitten, keek mij steeds aan en miauwde. Ik was met andere dingen bezig, dus praatte alleen in het voorbijgaan tegen hem. Tot ik het eindelijk begreep en mijn kleurpotloden ging halen. En waarachtig, hij bleef zowaar vijf schetsen lang liggen, en ik kon hem helemaal rustig bekijken. Een wonder. Ik viel vooral op de kleurtjes in zijn ouder wordende haar, waar blauw en donkerrood in zit, en wat grijs is als het uit elkaar staat, zoals op zijn schouders. Aan zijn oor zijn de overblijfselen te zien van het verdedigen van zijn nieuwe tuin hier in Warffum.

Terwijl ik aan het tekenen was stond de radio aan, en hoorde ik enthousiaste berichten over sneeuw in Hilversum! Sneeuw? En ik weet van niets? Ben ik daarom naar Groningen verhuisd?