Tegenlicht, Maarnse Gat, dinsdag 20 september 2016

maarnse gat 20 september 2016

Er was sprake van een dilemma vanmorgen. Ga ik voor de televisie zitten en Prinsjesdag schetsen? Met hoedjes, (glazen) koets en Maxima? Of ga ik toch naar het Von Gimborn Arboretum om bomen te tekenen? Het dilemma was niet erg groot: het mooie weer gaf de doorslag.

Maar ik kwam nooit aan in Doorn. Na het viaduct met de A12 zag ik een bordje dat ik al vaker gezien had, maar altijd net even te laat. Nu draaide ik in een flits meteen de zijweg in. Het weggetje ging naar het Maarnse Gat. En daar wil ik mijn hele leven al naar toe. Als kind vond ik het steeds een fascinerende plek, die ik zag vanaf de achterbank van onze Citro├źn Diane als we op weg waren naar oma in Utrecht. Op de kale vlakte zag je eerst mooie teunisbloemen en wilgenroosjes verschijnen, daarna kleine berkjes en bramen, en daarna kon je het vanaf de snelweg niet meer zien. Het is een verlaten NS terrein, dat ‘teruggegeven’ is aan de natuur, hoewel dat vroeger gewoon ‘verwaarloosd’ heette.

Nu ben ik er, meer dan veertig jaar later. Ik installeer mijn knalgele stoeltje en dreig te beginnen aan een vrij braaf uitzicht vanaf de rand van het gebied naar beneden, met water in het diepste gedeelte. Tot ik een ander potlood nodig heb en links van mij een prachtig licht zie over de uitgebloeide heide. Ik stap meteen over op deze enorme uitdaging. Want hoe teken je heel dunne struisgrasjes en dunne heidestengels met een donkere achtergrond als je alleen maar kleurpotloden hebt? De oplossing heb ik na een uur studeren: hard duwen met je lichte kleuren en zacht met de achtergrondkleur. Leuk, leuk, leuk. Weer wat geleerd.

Haan in de zon, onderweg, dinsdag 13 september 2016

haan onderweg 13 september 2016

Het is veel te heet om ergens in de natuur te gaan schetsen. Ik houd helemaal niet van die warmte. Voor mij is de zomer een soort winter en doe ik de dingen die je op lange winteravonden hoort te doen. Grote puzzels van 3000 stukjes en zo. Maar ja, in de winter geef ik juist les. En als ik geen les geef loop ik in de regen of wind. Conclusie: eigenlijk hoor ik thuis in Finland. Hoewel, als de opwarming doorzet moet het misschien Spitsbergen worden.

Deze haan zag ik in een flits. Een prachtige grote haan die op een stukje gras onder een treurwilg lag. Met een zonnetje op zijn kop waardoor zijn enorme kam en lel heel rood oplichtten, en een gedeelte van zijn mooie iriserende kleuren. Ik weet nog dat ik blauw en groen zag, maar waar precies weet ik niet meer. Het was een prachtig gezicht.

Deze schets heb ik uit mijn herinnering gemaakt. Dat doe ik als ik zo’n beeld graag wil onthouden, maar geen tijd of gelegenheid had om te schetsen. Vaak is dat zo met wilde dieren, mooie lichtval, zonsondergangen etc. Dingen die je vanuit de auto op een snelweg ziet, waar je niet even kunt stoppen. Thuis probeer ik de situatie met een paar lijntjes vast te leggen en met kleur de sfeer terug te halen. Meestal valt het resultaat van zo’n schets behoorlijk tegen, ook voor mij. Maar ja, het gaat om de herinnering. En uit je geheugen schetsen is een heel goede training voor het schetsen van bewegende dingen.

Bloeiende borders, Kijktuinen Nunspeet, dinsdag 6 september 2016

kijktuinen nunspeet 6 september 2016

Met een nieuwe uitdaging op zak trok ik gisteren naar de Kijktuinen in Nunspeet. Prachtige tuinen op kleur, met vooral veel paarse en rode tinten. Ik besloot mijn gele stoeltje mee te nemen omdat er vast geen zitplaatsen zijn op de cruciale plekken. En later bleek dat ook de stand van de zon van grote invloed is, want je moet de zon in je rug hebben om een beetje lekker te kunnen kijken.

Blijkt het gras zo nat en kwetsbaar dat ik daar mijn klapstoeltje niet in durf te zetten. Ik zou het hele gras vernielen. En de plek die ik in gedachten had lag inderdaad precies tegen de zon in. Dus was ik wel gedwongen om ergens op een bankje te zitten met uitzicht op een stuk witte en lichtgele tuin. Noem het een uitdaging, noem het pech, ik noem het gewoon niet ideaal.

Dat is waarschijnlijk te zien. Ik dacht met zo’n prachtige lichte zonnige aquarel thuis te komen, en wat maak ik? Niet iets wat in al die schilderboeken staat. Terwijl ik nog wel zo goed gewacht heb tussen de verflagen door, tot het echt droog was. Misschien is dat juist het probleem, en had ik hiervoor toch echt aquarelpapier moeten gebruiken. Nat in nat. Dus eerst natmaken, dan een laag lichte kleur. Dan wachten. Dan weer kleur. Dan wachten, etc.

Je weet het wel.