Ooit zouden we in Eenrum gaan wonen, heel lang geleden.. en toen kickte ik op het feit dat er met Hemelvaart een grote markt in het dorp zou zijn, met wel twintigduizend bezoekers. Klopt, het was heel druk vandaag, maar het was een doodgewone markt, zoals elke vrijdag in Amersfoort. Het was gezellig, vond ik, met een prachtig zonnetje. Gelukkig was ik op de fiets gegaan, want de auto’s werden allemaal naar het sportveld gedirigeerd, dus er was geen ontkomen aan lange slierten mensen vanaf het parkeerterrein.

Ik had speciaal mijn zwarte penseelpen “Pentel Brush” meegenomen om houdingen van mensen te kunnen vastleggen. Dat ziet er altijd leuk grafisch uit, en speciaal daarvoor had ik op de heenweg een landschapsschets van Eenrum gemaakt, als beginnetje. Daaronder zouden de penseelschetsen komen.

Maar tijdens het rondslenteren en speuren naar een onderwerp, zag ik dat de kerk geopend was en voor ik het wist was ik binnen. Daar speelden twee mensen quatre-mains op een piano en ik besloot op een kerkbank te gaan zitten en ornamenten te schetsen. Heerlijk, met pianomuziek als extraatje.

Mooi, zoals mijn intuïtie de zaak door de war kan gooien. Het werkt gewoon niet om van te voren een bladzijde uit te denken. Ook niet als je regelmatig publiceert, juist dan is het gevaar groot dat je je succes wilt afdwingen. Eigenlijk ben ik blij dat het soms anders loopt. Of beter: ik ben blij dat ik mijn intuïtie gehoorzaam. Goeie les weer.

Ik ben nog steeds verrukt van mijn nieuwe woonplaats. Dat zal wel zo blijven, gok ik, want ik zie iedere dag iets nieuws. Het leukste vind ik dat al die mooie en interessante dingen vlak om de hoek van ons huis te vinden zijn. Het Openluchtmuseum ‘Het Hoogeland’ bijvoorbeeld, is op drie minuten lopen. De buren dus.

Dus daar ga ik even schetsen. Dat even werd alweer gauw anderhalf uur, en een tweede bladzijde nog eens een uur, dus was ik al met al een hele tijd op pad. Prachtig weer met mooie bloemkoolwolken en een warm zonnetje. Dit plekje is bij de moestuin met uitzicht op het ‘Venhoes’, ingericht als daglonershuisje uit de vroege 19de eeuw. Het hele kleine huisje middenvoor heet de stookhut van het Venhoes, overgebracht uit Oterdumerwaarven (het bestaat echt!: bij Termunterzijl, ten zuidoosten van Delfzijl).

Het leuke vind ik dat achter het witte hekje gewoon de weg loopt van Warffum, waar af en toe een fietser voorbij komt. Je ziet alleen zijn hoofd, omdat de weg een stuk lager ligt op de terp. In de verte de bomen van Usquert, en rechts van het plaatje de trein naar Roodeschool. Leuk-leuk.

Prachtig weer, een stralende zon zelfs. Dat is wel even wat anders dan die koude wind van de laatste dagen. Ik trek er met mijn fiets op uit. Eerst even langs de fietsenhandel om een goede oplossing te vinden voor het vervoer van mijn gele schetsstoeltje. Men adviseert een bagagespin, en even later fiets ik vrolijk de straat uit. Op naar de wei.

Tien minuten later zit ik startklaar met mijn schetsboek. Aan de rand van een akker met uitzicht op deze boerderij of wat er van over is. Wat is het toch heerlijk hier. Ik zit in een zeer grazige berm met allemaal voorjaarsbloemen en er staat een lekker windje. Eerst maar eens even rustig genieten. Het enige dat ik hoor is het ruisen van de wind in de brede halmen van een enorm veld Engels raaigras. Af en toe een scholekster, een trekker en een scholier die ‘moi’ zegt. Ook als ik niet opkijk. De rode trein naar Winsum gaat voorbij, zonder geluid. Een meeuw vliegt over, zonder geluid. Iets in de rietkraag achter me jodelt een liedje. Dat is alles.

Tot er twee trekkers aankomen met grote tanks. En een enorm gevaarte met een heleboel slangen en sproeiers, die in een paar ritten het hele land bemest met iets wat ruikt als gier. En dan is schetsen op het platteland opeens een stuk minder aantrekkelijk.

Insectenwereld ‘DoeZoo’ in Leens is een met veel liefde opgezet museum/dierentuin van kleine dieren. Geweldig, dat er zo’n plek is. Ooit had ik dat in Londen ook gezien, bij het Museum of National History. Daar zijn nu alle insecten opgeslagen ‘in stock’ en staan de grote wandelgangen en zalen vol met dinosaurussen en bijbehorende knuffels. Volgens mij is dat precies het verkeerde signaal. Kinderen trekken met grote uitgestorven dieren, want ‘daar houden ze van’. Eerlijk gezegd was ik tijdens mijn eerste bezoek aan DoeZoo ook teleurgesteld, toen ik zag dat ieder kind met een slang op de foto mocht. Dat leek me een sensatie die niet zo past bij insecten. Vandaag bleek dat dat slechts een onderdeel is van het programma, dat er op gericht is om kinderen te leren dat elk dier een individu is.

Dit museum is van een geestverwant. Iemand die zich geen bal aantrekt van wat iedereen er van vindt, maar gewoon een insectenmuseum begint. Net als ik destijds het Vindselmuseum. Een natuurliefhebber/bioloog die vindt dat kleine diertjes er ook mogen zijn, zoals ieder dier. Ontwikkeld met alle liefde en inzet die hij in zich heeft. Simpel, met charmante oplossingen en natuurlijke middelen. Ik was er al op gevallen toen we hier nog niet eens woonden, en toen al nam ik me voor om al die diertjes te gaan tekenen.

Het liefst had ik een aparte tafel gehad in een kamertje waar ik al die insecten mocht natekenen. In de praktijk moest ik het doen met slecht licht en een onhandige blik in de lades. Vandaar dat de eerste kevers overdwars op het papier staan. Ik durfde er nog niet goed voor te gaan zitten. Misschien dat ik het nog eens voor elkaar krijg om al die vlinders in alle rust na te tekenen. Ik ben er vandaag in ieder geval vier uur geweest.