zaterdag 29 oktober 2022

De meidoornheg is in de laatste week toch weer een stukje uitgelopen. Het idee is om de hele heg ergens in de komende weken helemaal in te korten tot de uiteindelijk gewenste vorm. Hij wordt dan in zijn geheel een stuk lager, maar wel horizontaal en wat dichter begroeid denken we.

Het is vandaag zwaar bewolkt en droog, maar alles is nat van de mist. Alle topjes van de heg zijn duidelijk te zien met hun kleine verse knopjes. En aan al die topjes lopen lange draden van spinnen. Met druppels.

Ik lees dat die draden ‘struikeldraden’ heten. Dat is een beetje een vreemd woord voor insecten die bijna altijd vliegend langs komen. Hoezo struikelen ze dan? Ik zie in gedachten hoe een aanvliegend insect struikelt over die draden, het is een soort home-video. In ieder geval raken ze een draad en belanden ze in de ‘hangmat’. Dan denk ik dat die draad dus niet kleverig was, maar dat weet ik niet. Maar ‘hangmat’ is ook al zo’n raar woord, alsof die insecten eens lekker gaan liggen bruinen in de zon in hun hangmat. Zal je net zien, lig je op je rug en dan word je opgegeten, dat was niet de bedoeling! Insecten sterven op de meest gruwelijke manieren.

Als ik een blaadje in de hangmat gooi, komt er ook na een tijdje wachten geen spin. Die komen alleen als dat blaadje in doodsnood is denk ik.

zaterdag 22 oktober 2022

Vrienden van ons hebben twee jonge poesjes, dus ik ga op kraambezoek met mijn schetsboekje.

Ik laat mijn mand staan bij de snel dichtgetrokken deur van de huiskamer en gooi mijn imitatie bontjas er overheen. De twee katjes zitten verspreid door de kamer toe te kijken. Een zit suffig op de rugleuning van de bank en de ander kijkt me van onder de tafel aan. Vanmorgen hebben ze ontdekt hoe ze de leeslamp aan kunnen doen. Altijd handig voor de roman over muizen vanavond. Ze zijn nog niet knuffelbaar, maar dat had ik ook niet verwacht.

Ik krijg toestemming om ze te schetsen en nestel me in een grote draaistoel. Dan vallen ze aan op mijn rieten tas. Die valt al snel om en blijft daardoor half open staan met de slungelige leren hengsels over de grond. En laat dat nou het ultieme speelparadijs zijn. De ene kat erin en de ander er bovenop, of alle twee erin, of alle twee eronder, alle variaties hebben we gezien.

Maar ook de wollige bruine jas bleek een geweldig speeleiland te zijn. Een er op en de ander aanvallend, waardoor het hele spul over de vloer schuift. Of een in de tas en de ander op de jas ervoor, of allebei koprollend over de jas.

Heerlijk. Ik geniet er zo van dat schetsen tegelijk moeilijk is. Ik heb wat houdingen geprobeerd, maar ik had veel kleiner moeten werken, zodat mijn papier niet zo snel vol zou zijn. Thuis ingekleurd en vooral details van de mand toegevoegd. Het geheel ziet er wel zo uit als het was, een bewegende kluwen van nepbont, riet en vachten, waarbij je nooit goed weet wat wàt is.

zaterdag 15 oktober 2022

Vandaag had ik mijn zinnen gezet op het tekenen vanaf het bankje bij het station. Dat bankje staat niet op het station zelf, maar op een stukje gras onder een grote kastanjeboom. Ik wist dat het een bemost en nattig houten bankje was, maar als ik op mijn jas ging zitten moest het uit te houden zijn.

Dus ik ging daarheen en installeerde me op het (inderdaad viezige) bankje. Mijn idee was om de huizen aan de Stationsweg te tekenen. Die zijn echt Gronings en erg mooi. Maar om dat te kunnen zien moest ik achterom kijken, wat heel lastig tekenen is, en bovendien zag ik dan alleen maar takken van de kastanje. Logisch natuurlijk, je moet hier ook niet achterom gaan zitten kijken want het bankje is bedoeld om op de trein te wachten en die moet je dus kunnen zien. Tja. Dat ging dus niet door en ik zocht verwoed naar een ander onderwerp. De schaapjes? Saai. De boom? Heb ik al eens gedaan.

Opeens zag ik hoe het gras onder mijn voeten bedekt was door tientallen bladeren van de kastanje: bruin, roestkleurig, geel en groen. Daartussen het veel te felgroene groene gras, dat bijna onnatuurlijk aandeed. En daartussen lagen de fraaie stelen van de kastanje, bolsters in meerdere kleuren, en een paar laatste kastanjes. Als ik dat nou eens ga tekenen? Een uitdaging, maar die ga ik altijd graag aan.

zaterdag 8 oktober 2022

Ik stond vanmorgen aan het aanrecht na te denken waar ik vandaag zou gaan tekenen. Lastig als het af en toe regent en tussendoor stralend weer is.

En toen drong het tot me door dat ik ook het uitzicht vanuit de keuken kon tekenen. Fijn; ik pak mijn spullen. Ik ben vooraan begonnen met de paarse Salvia ‘Purple Hotlips’ die tegen het keukenraam op groeit. Ik heb haar onlangs behoorlijk diep ingeknipt, maar dat vond ze kennelijk fijn, want ze bloeit overdadig met haar paars-gestifte lippen. Ik houd alleen niet van haar geur, dus bind ik de lange stengels strak tegen de muur onder het raam. Daarachter de schitterend blauwe monnikskappen, die het geweldig doen dit jaar. Ik had bij wijze van herhaling een nieuwe monnikskap verderop in de tuin gezet, maar die haakte af. Ik probeer het volgend jaar opnieuw.

Omdat de vuurdoornbessen nu oranjegeel zijn heb ik het gras toegevoegd. Dat bleek een goede zet, want nu heb ik een gouden-blauw uitzicht. Ik word er elke morgen erg vrolijk van. Vooral met een herfstzonnetje erop zoals nu. Maar dat blauw-geel dat is niet heilig, want er kleuren rode bessen van de kamperfoelie, blauwpaars van de monnikspeper en grijsbruin van de Macleaya. Die laatste kan prachtig bruingeel kleuren in het najaar, maar kennelijk is hij verdroogd en dan verkreukelt hij. Ik vind elke kleur goed, want bij elkaar is het altijd een fijn plaatje, wat ik ook doe.

De rechter tekening is een kijkje uit het raam van de deur. De meidoornheg, die lekker groeit, en volgend jaar privacy gaat geven.

zaterdag 1 oktober 2022

Er was veel regen voorspeld, dus ik ging op weg naar het Openluchtmuseum, waar je wonder boven wonder ook binnen kunt schetsen. Maar poes Pluma zag me weggaan, en huppelde vrolijk achter me aan. ‘Ik ga niet wandelen’ zei ik nog, maar dat verstond ze natuurlijk niet. In poezentaal verstaat ze waarschijnlijk: ‘Gezellig, we gaan wandelen’. Dezelfde intonatie, maar een andere betekenis.

Dus zit ik nu met een poes. Om die nou mee te nemen in het museum gaat ook wat ver. Buitenom dan? En bij het Spijslokaal tekenen? Geen optie, dus ik moet me maar aanpassen. De zon schijnt eigenlijk best prettig, dus ik besluit op het muurtje van de kerktuin te gaan zitten, waar de hele stoep vol ligt met verse kastanjes. Zo veel heeft er in jaren niet gelegen. Pluma meteen naast me. ‘Gaan we doen? Beetje spelen met kastanjes?’

Nou, een geweldig uitzicht hier zeg: twee afvalcontainers, allemaal auto’s, iemand op het dak van de buurvrouw bezig, de drukkerij die net gesloten is en de boel helemaal leeg heeft gemaakt….en ik besloot juist dat allemaal te tekenen. Al die activiteit, al die veranderingen, leuk om te zien. Vandaag komt de nieuwe bewoner van het pand van de drukkerij: welkom!