Het is opeens prachtig zonnig weer, beetje koud nog, maar dat neem ik voor lief.

Alles loopt uit. Vanuit het boshoekje zie ik de Clerodendron met zijn bruinrode nieuwe bladeren, (hij wordt later trouwens mosgroen) de Cotinus met iets lichtere doorzichtige bladeren en vooral de  hoge gele Cephalaria gigantea met uitlopend blad. Prachtig, omdat de zon altijd in die hoek gaat zakken en dan mooi tegenlicht geeft op deze planten. En dat wist ik uiteraard. Volgend jaar komt er ook nog een Acer palmatum bij, die nu nog te klein is. Maar ik mis die rode sterretjes in de herfst, dus heb ik hem ook gekocht.

Vanuit deze hoek zie ik een zeepaard en een haan op de kerk. En een zwarte kraai op de hoek van het dak.