Het is eigenlijk vlakbij. Je rijdt met de auto even over de snelweg richting Zwolle, afslag Nijkerk/Putten en dan de polder in. Vlak voor de brug links, alsmaar rechtuit, parkeren, stoeltje mee, dijkje over, hup. Ik weet precies waar ik moet zijn voor het kleine schelpenstrandje waar ik van de winter heb gezeten. Het is alleen een beetje vol gegroeid met van alles. Heel prachtig zijn de grote pollen mattenbies, gemengd met een enorm hoog gras met een pluim zo breed als mijn schetsboek.

Ik heb me voorbereid door boeken over natuurschetsboeken te herlezen. De meeste boeken over journaling zijn Amerikaans en omdat het daar als kunstvorm wordt beschouwd zijn er veel voorbeelden in te zien van bladindeling en verhouding tussen tekst en tekeningen. Een paar kunstenaars, bijvoorbeeld Gay Kraeger (die mijn werk mooi vindt) en Cathy Johnson, maken de mooiste bladzijden die ik uitgebreid bestudeerd heb. Wat doen zij met hun teksten, waar laten ze de datum, schrijven ze ter plekke of thuis? Sommigen schrijven door hun tekeningen heen, anderen maken kleine kaders.

Ik begin met een grote aquarel van het landschap. Daarna wachten dus tot het droog is. Dan allerlei elementen er overheen, maar van groot naar klein, dus eerst de habitat (groeiwijze) van de grassen, en dan de details. Bevalt me goed, zo’n middagje studeren. Vooral als er allerlei vogels om me heen vliegen en gekke geluiden maken.