Ik hád natuurlijk de geweldige scilla’s kunnen tekenen in de voorjaarstuin. Nou ja, tuin, het is een smal strookje langs de heg waar de eerste voorjaarszon komt. Dat noem ik de ‘paarsblauwe tuin’ omdat ik er alles in die kleuren verzamel wat nu bloeit, en dat is veel: scilla’s, druifjes, Chionodoxa, Primula ‘Wanda’ (hartstikke paars), Anemone blanda, holwortel, paarse maagdenpalm, een feestje. Ik ben er vorig jaar mee begonnen en het wordt nu een eenheid.

Maar dan krijg ik een boekje vol mooie prentjes. De kerktuin is nu een zee van hardblauwe scilla’s, zo prachtig. Daar zie ik geen uitdaging meer in, want dat heb ik vorig jaar uitgebreid geoefend.

Ik realiseer me wat er gebeurt als ik naar mijn tuin kijk. Ik zie wat ik allemaal gedaan heb de afgelopen week. Hard gewerkt, veel zaailingen heen en weer gesleept naar betere plekken, planten gescheurd en gedeeld. De hele tuin op mijn knieën schoongemaakt met mijn harkende handen. Om al die onbekende zaailingen te sparen en meteen goed te kijken wat er allemaal opkomt. Heel gedetailleerd, heel intensief.  Ik begin een beetje te snappen hoe een echte cottagetuin werkt: laten uitzaaien, leuk, maar daarna moet je dagenlang aan de gang. Dat moet je wel leuk vinden. Dus wat ik zie als ik naar de paarse tuin kijk: de werkelijkheid, maar in gedachten dezelfde tuin over 3 maanden. En dat is een uitdaging om te tekenen.