Keukenraam, Menkemaborg, Uithuizen, donderdag 8 juni 2017

Het heeft twee dagen heel hard geregend, maar nu ik naar de Menkemaborg ga is het droog. Mooi zo. Je moet namelijk een stuk lopen onder een gesnoeide lindenlaan door en dat leek me nogal druiperig. Toen ik hier voor het eerst was, waren de bomen nog kaal en kon je een reigerkolonie zien in de toppen van de oude beuken. Inmiddels zijn de kleine reigers uitgevlogen en zitten de bomen dik in het blad. Het is weer heel mooi hier, enorm netjes, maar dat moet ook met al die zorgvuldig gesnoeide boomvormen en Buxus. Bijzonder zijn de in etages gesnoeide linde, erg leuk om te tekenen.

Ik ga de zware voordeur van de borg door naar binnen en ik ben weer overweldigd door de enorme rijkdom van dit huis. De gigantische vazen met blauwe Chinese decoratie. De kast met Chinees aardewerk in de gang. De bijzondere kasten en meubels. Ze zijn stuk voor stuk een project op zich om te tekenen. Dat heb ik gedaan, in mijn grote zware schetsdagboek-boek, maar achteraf vond ik de kleine schetsjes in de keuken leuker uitgevallen. Vooral omdat je er een leuk uitzicht hebt op de tuin met Taxushagen.

Deze oude geranium doet me denken aan een serre in de jeugdherberg van Margate in Zuid-Engeland, waar een heel stel van die knoestige planten stond. Ik denk dat het contrast tussen knalrood en de ouderdom me aantrekt. De psycholoog mag zeggen waarom.

Rotstuin, Hortus, Haren, 1 juni 2017

Ik moest in ‘Stad’ zijn vandaag, dus ik besloot er meteen een bezoekje aan de Hortus aan vast te knopen. Daar was ik ooit een keer geweest maar dat is heel lang geleden. Ik herinner me dat ik een prachtige sprinkhaan aan het tekenen was in een terrarium, maar dat ik trilde van de koorts. En dat vond ik jammer, want tekenen is leuker dan ziek zijn, en zo’n mooi beest zou ik niet gauw weer zien.

Het was erg warm. De wandeling door de net aangelegde ‘Hondsrugtuin’ heet en het restaurant dus aangenaam. Ik besloot onder de overkapping te blijven zitten met uitzicht op het water en de overkant. Mooi, al die tintjes groen. Die heb ik uiteraard met mijn kleurkaartjes genoteerd en thuis ingevuld. Blijft over: de ruimte tússen de bomen, en dat weet ik niet meer. Eigenlijk moet ik dat dus ook opschrijven.

Daarna ben ik aan de overkant het paadje ingelopen dat ik getekend had. Dat bleek niet naar de rozentuin te gaan, maar naar de rotstuin (toe aan een nieuwe bril?). En dat is een absolute aanrader, wat een geweldige tuin. Een echte rotstuin, die lijkt op de bergen omdat er knoeperts van keien liggen, platte blokken graniet en treden van grote stukken leisteen. Daartussen tientallen donkere akeleien, ereprijzen en veel ander leuks. En vooral veel pollen anjers, die allemaal zo heerlijk geuren dat ik moet denken aan de enorme weide met prachtanjers in de Pyreneeën waar ik ooit liep. Door die geur en doordat je voortdurend naar beneden kijkt, waan je jezelf echt in de bergen. Compleet met horzels die me steken. En al dwalend en genietend kom je achter de berg op een smal asfaltpaadje tussen de bomen uit. Het lijkt echt alsof je van de helling afkomt terug onder de boomgrens. Een heel fijne ervaring.

Hemelvaart, Eenrum, 25 mei 2017

Ooit zouden we in Eenrum gaan wonen, heel lang geleden.. en toen kickte ik op het feit dat er met Hemelvaart een grote markt in het dorp zou zijn, met wel twintigduizend bezoekers. Klopt, het was heel druk vandaag, maar het was een doodgewone markt, zoals elke vrijdag in Amersfoort. Het was gezellig, vond ik, met een prachtig zonnetje. Gelukkig was ik op de fiets gegaan, want de auto’s werden allemaal naar het sportveld gedirigeerd, dus er was geen ontkomen aan lange slierten mensen vanaf het parkeerterrein.

Ik had speciaal mijn zwarte penseelpen “Pentel Brush” meegenomen om houdingen van mensen te kunnen vastleggen. Dat ziet er altijd leuk grafisch uit, en speciaal daarvoor had ik op de heenweg een landschapsschets van Eenrum gemaakt, als beginnetje. Daaronder zouden de penseelschetsen komen.

Maar tijdens het rondslenteren en speuren naar een onderwerp, zag ik dat de kerk geopend was en voor ik het wist was ik binnen. Daar speelden twee mensen quatre-mains op een piano en ik besloot op een kerkbank te gaan zitten en ornamenten te schetsen. Heerlijk, met pianomuziek als extraatje.

Mooi, zoals mijn intuïtie de zaak door de war kan gooien. Het werkt gewoon niet om van te voren een bladzijde uit te denken. Ook niet als je regelmatig publiceert, juist dan is het gevaar groot dat je je succes wilt afdwingen. Eigenlijk ben ik blij dat het soms anders loopt. Of beter: ik ben blij dat ik mijn intuïtie gehoorzaam. Goeie les weer.

Moestuin, ‘Het Hoogeland’, Warffum, 20 mei 2017

Ik ben nog steeds verrukt van mijn nieuwe woonplaats. Dat zal wel zo blijven, gok ik, want ik zie iedere dag iets nieuws. Het leukste vind ik dat al die mooie en interessante dingen vlak om de hoek van ons huis te vinden zijn. Het Openluchtmuseum ‘Het Hoogeland’ bijvoorbeeld, is op drie minuten lopen. De buren dus.

Dus daar ga ik even schetsen. Dat even werd alweer gauw anderhalf uur, en een tweede bladzijde nog eens een uur, dus was ik al met al een hele tijd op pad. Prachtig weer met mooie bloemkoolwolken en een warm zonnetje. Dit plekje is bij de moestuin met uitzicht op het ‘Venhoes’, ingericht als daglonershuisje uit de vroege 19de eeuw. Het hele kleine huisje middenvoor heet de stookhut van het Venhoes, overgebracht uit Oterdumerwaarven (het bestaat echt!: bij Termunterzijl, ten zuidoosten van Delfzijl).

Het leuke vind ik dat achter het witte hekje gewoon de weg loopt van Warffum, waar af en toe een fietser voorbij komt. Je ziet alleen zijn hoofd, omdat de weg een stuk lager ligt op de terp. In de verte de bomen van Usquert, en rechts van het plaatje de trein naar Roodeschool. Leuk-leuk.

Sloot, Warffum, 11 mei 2017

Prachtig weer, een stralende zon zelfs. Dat is wel even wat anders dan die koude wind van de laatste dagen. Ik trek er met mijn fiets op uit. Eerst even langs de fietsenhandel om een goede oplossing te vinden voor het vervoer van mijn gele schetsstoeltje. Men adviseert een bagagespin, en even later fiets ik vrolijk de straat uit. Op naar de wei.

Tien minuten later zit ik startklaar met mijn schetsboek. Aan de rand van een akker met uitzicht op deze boerderij of wat er van over is. Wat is het toch heerlijk hier. Ik zit in een zeer grazige berm met allemaal voorjaarsbloemen en er staat een lekker windje. Eerst maar eens even rustig genieten. Het enige dat ik hoor is het ruisen van de wind in de brede halmen van een enorm veld Engels raaigras. Af en toe een scholekster, een trekker en een scholier die ‘moi’ zegt. Ook als ik niet opkijk. De rode trein naar Winsum gaat voorbij, zonder geluid. Een meeuw vliegt over, zonder geluid. Iets in de rietkraag achter me jodelt een liedje. Dat is alles.

Tot er twee trekkers aankomen met grote tanks. En een enorm gevaarte met een heleboel slangen en sproeiers, die in een paar ritten het hele land bemest met iets wat ruikt als gier. En dan is schetsen op het platteland opeens een stuk minder aantrekkelijk.