Boulevard, Olhão, Algarve, Portugal, vrijdag 18 maart 2016

Geen dinsdag dit keer. Dit is getekend op de laatste dag van de schetsweek in Portugal. Het was een heerlijke week, droog en warm. Zo zonnig dat we allemaal gezonde gezichten hebben en lekker gekleurde armen.

Deze laatste dag was bedoeld om mensen te schetsen in de markthal en daarbuiten. Vooral houdingen, want portret is te dichtbij en te bedreigend voor de meeste mensen. Ik vind het belangrijk dat je durft te schetsen ook al heb je geen cursus modeltekenen gehad. Dus men ging dapper aan de slag, hoewel de batterij bij de deelnemers wel een beetje leeg was geloof ik. Maar gelukkig mocht shoppen ook van juf.

Pas op zo’n laatste dag heb ik zelf eigenlijk de rust om relaxed te schetsen. Ik heb op één van de vier betegelde banken gezeten op een muziekpleintje naast de vismarkt en uitgebreid genoten. De voorstellingen op de tegels gaan over de historische reizen vanuit Portugal naar andere werelddelen. Maar dat zie je gelukkig niet vanuit de verte…, alleen verschillende kleuren blauw en een klein geel lijntje. Van de Araucaria aan de rechterkant heb ik apart nog een grafische studie gemaakt. De laatste van de schetsreis.

Elk reisschetsboek eindigt met een ‘afscheidkus’. Ik zoek naar een voorwerp waarmee k een zoen of een kus kan uitbeelden, dus iets dat een mond lijkt. Dat teken ik op de laatste bladzijde van het boek. Dit jaar vond ik een zogenaamde chu-chu (Sechium edule). Dat blijkt een komkommerachtige uit Midden-Amerika. Maar voor mij is het een vette kus van een tandeloos Portugees vrouwtje. Smak.

De tuin van mijn ouders, Zetten, dinsdag 8 maart 2016

Langs het tuinpad van mijn moeder. Daar groeien de leukste voorjaarsbloemetjes in de goed verzorgde, nog zwarte, tuin. Ik heb op mijn hurken gezeten en geprobeerd zo snel mogelijk die kleine dingetjes te tekenen. Dat viel helemaal niet mee. Hoewel: in een kwartiertje tijd heb ik toch heel wat gedaan.

Thuis inkleuren met een klein veegje aquarel. Ik had toch mijn kleurenkaartjes moeten meenemen, want hoe ‘oudroze’ was die Helleborus nou precies? Voor mijn cursisten Schetsen op Reis, die landschappen leren schetsen, adviseer ik altijd om met kleuren te associëren. Dat betekent dat je bij de schets schrijft wat jouw associatie is met de kleur: is het de bank van je oma, de auto van de buren, de jas van je vriendin? Meestal is dat handig, en het maakt niet zo heel veel uit wat voor kleur een landschap precies is. Dat kan roestbruin zijn, maar een ander ziet misschien oranje. Ik vind het juist leuk als de emotie een kleur feller of doffer maakt. Voor sfeer-impressies is emotie ook veel belangrijker.

Maar bloemen hebben doorgaans hun specifieke eigen kleur: oudroze voor een Helleborus…? In dit geval was die associatie niet genoeg. Dus heb ik maar wat gegokt.

Restaurant Ikea, Amersfoort, dinsdag 1 maart 2016

Ideaal, bij Ikea. Je kunt met een kopje koffie op een zwartleren bank gaan zitten en uren schetsen. Moet je wel je etui meenemen en niet in de auto laten liggen, want dan kun je weer helemaal naar beneden, sterker nog, je moet de hele winkel door. Godzijdank zijn er kleine tussendoortjes, maar het is toch weer een hele wandeling. Enfin, een half uur later zit ik weer op die bank en is het restaurant overvol. Kennelijk gaan heel veel mensen speciaal hierheen om te lunchen. Veel grootouders met kleinkinderen trouwens.

Vlak voor me zitten een donkere moeder en dochter en op de bank daarachter een bloedmooie donkere vrouw met baby. Ze heeft een zwart shirtje aan met heel lage hals waardoor haar slanke nek mooi uitkomt. En ze houdt haar theeglas met waterplanten heel gracieus vast met haar lange vingers. Ze lijkt mij een fotomodel. En als ze dat niet is, kan ze het worden. Teken dat maar eens met een zwarte Pentel Brush! Dat is een penseel met inktreservoir waarmee elke penseellijn dodelijk kan zijn. Hetzelfde als sumi-é, maar dan in het wild. Heel, heel moeilijk. En toch wil ik het zo. Ik wil de spanning van een lijn die óf hartstikke fout is óf helemaal raak en prachtig. Het is een soort sport, die ik heerlijk vind. Dus: “… gewoon blijven oefenen …”, hoor ik mijn oude coach oom Bob in gedachten zeggen. Ik ben nu 57; leer ik het ooit?

Leuk, hoe je mensen ontmoet tijdens het schetsen. Modellen die het in de gaten hebben en zich afvragen wat ik doe, andere mensen die het proces zien en zich afvragen of het om een opdracht van mij gaat, kortom, er ontstaan heel subtiele ontmoetingen door middel van knipogen en snelle blikken.

Frans Hals Museum, Haarlem, dinsdag 23 februari 2016

Leuk, een dagje naar Haarlem! In het Frans Hals museum is een tentoonstelling over kijken. Bij verschillende schilderijen staan standaards met vergrootglazen waar je doorheen kunt kijken, met uitleg over de details die je ziet. Ik heb er geen gebruik van gemaakt, want ik zie zonder vergrootglas al zo ontzettend veel details.

Ik had me al voorgenomen om me te werpen op de prachtig geschilderde kragen die ik verwachtte te zien. En inderdaad: kragen zat, hele dure, dikke, grote, maar ook kleine en bijna vierkante. En die van Frans Hals heel levendig en losjes. Het leuke is dat je er heel dicht met je neus bovenop kunt, voordat er een alarm af gaat. Er zit een koperen strip in de grond, maar het kan ook zijn dat die voor de stevigheid van het tapijt is. Ik heb geen kik gehoord. Misschien hebben ze dus geen alarm en is het bangmakerij.

O, wat mooi zijn die kragen, en wat leuk om te tekenen. En wat verbluffend eenvoudig met een grafiet-aquarelpotlood. Dat is een potlood dat vrij zwarte tonen geeft, die nog veel zwarter worden met water (spuug in mijn geval). Ik had een waterpenseel bij me om die techniek toe te passen, maar met een vinger gaat het sneller en artistieker. Het betere nattevingerwerk dus.

Zeedijk, Polder Arkemheen, dinsdag 16 februari 2016

Het was prachtig zonnig weer, iets boven nul en windstil. Fantastisch weer dus voor een dagje aan het water. Aan de Zeedijk, iets voorbij de Arkerweg heb ik van de zomer een heel klein strandje ontdekt langs het Nijkerkernauw. Een éénpersoons schelpenstrandje waar kennelijk vaker mensen zitten, getuige de rommel. Bij het weggaan heb ik het maar een beetje opgeruimd. Ik had mijn superlage, knalgele plastic stoeltje meegenomen, zodat ik heel rustig en lang zou kunnen tekenen.

Ik had me voorgenomen om alleen met zwarte balpen te tekenen, dus meer had ik niet bij me. Dat gaf heel veel rust. Wat ik wel had meegenomen waren een zestal lange strookjes met notities van al mijn kleurpotloden, zodat ik bij de schets meteen precies de goede kleur kon schrijven: Pablo van Dijckbruin, Pablo green ochre, Faber nougat, Lyra olive brown, Pablo sky blue, Lyra grey green + Lyra sap green. Heel handig.

Langs het water lag een vliesdun strookje ijs, en in het koude water vond ik een hele hand vol zeegroene mosseltjes. Die heb ik later in mijn atelier rustig getekend en gekleurd, koffie en koekjes bij de hand. Superdag.