Percipio, Atelier, Amersfoort, dinsdag 18 oktober 2016

Deze tekening staat in één van mijn vele themaboekjes. Dit boekje heeft bruin papier dat erg mooi is voor het schetsen van mijn poezen. De bedoeling was dat ik aan de voorkant zou beginnen met kat Percipio (roepnaam Siep) en aan de andere kant met mijn tweede kat Eureka (Muk). Maar die laatste gaat meteen weg zodra ik ook maar een neus getekend heb. Kennelijk houdt ie niet van dat gestaar. Vreemd eigenlijk, want hij heeft meestal zijn ogen dicht.

Siep daarentegen gaat midden op tafel liggen, languit, en het liefst als er cursisten zijn. Onder de warme halogeenlampjes die bestemd zijn voor de tekenaars. Sommige mensen houden er niet van, en dan moet ie van tafel. Maar als er geen les is, is de grote tafel geheel voor hem alleen. Ik verzamel eerst alle kleurtjes die ik nodig denk te hebben, en die leg ik klaar op een kleedje. Vooral de Luminance-potloden zijn erg geschikt met hun mooie zachte kleuren. Dan kan ik aan de slag. Meestal begin ik bij zijn neus, die mooi bruinroze is. Als hij dan blijft liggen kan ik verder. Soms verandert hij van houding, maar omdat die houding vaak terugkomt, vul ik er een tweede bladzijde mee.

Ik ben nu over de helft in mijn boekje, helaas voor Eureka.

Aalscholver, Snelweg A28, Nijkerk, dinsdag 11 oktober 2016

Het was erg druk op de snelweg. Ik reed op de linkerbaan met een gangetje van 80 en voldoende afstand tot mijn voorganger met het oog op files.

Ik zag iets in mijn ooghoek. Links van mij vloog een grote vogel, geen idee wat het was. Ik was verrast en blij met zo’n leuk ‘uitzicht’, waar ik maar een seconde naar kon kijken. Tot ik me realiseerde dat hij dus even hard vloog als ik reed: een vogel die 80 km per uur gaat, wat een grappig idee ! Het enige wat mij verder opviel was een groot licht oog, en een heel lang, gestrekt silhouet.

Ik schets dit soort korte ontmoetingen met een vogel in mijn vogeltjesboek, een klein vierkant boekje met op de rechterpagina een minieme schets, en links de uitgewerkte vogel die ik thuis in dezelfde houding bestudeer uit allerlei vogelgidsen. Daarvoor heb ik een krabbel nodig die ik maak bij de eerste de beste gelegenheid dat ik even tijd heb. In dit geval het stoplicht bij de Hogeweg, onderaan de afslag van de snelweg, dat gelukkig nèt voor me op rood ging.

Het bleek een aalscholver, die inderdaad zo gestrekt vliegt, een licht oog heeft en een kromme vleugel. Dat laatste zal ik de volgende keer vergelijken.

Café, woensdag 5 oktober 2016

Eindelijk ben ik beland in het lievelingscafé van mijn echtgenoot. Hij heeft er al vaak over verteld en zei steeds dat ik het wel een mooi plekje zou vinden. Nou, dat had hij goed gezien. Het is aan een klein riviertje met een stalen hangbrug en een prachtige molen, enorm romantisch. We kwamen daar aan na uren rijden en ik was behoorlijk moe, maar wilde per se eerst even aan de overkant van het riviertje zitten om een schets te maken. Het moest erg snel want de snak naar koffie was groot. Dus ik denk dat ik niet meer dan een minuut heb getekend.

Wat een zalige plek, om uren te kijken en te tekenen, want er gebeurt natuurlijk van alles op zo’n kruispunt van weg en water. Ik stel me voor dat het in de zomer een vrolijke drukke boel is hier, en ik zie me hier al zitten met cursisten die ik leer schetsen. Zo snel als ik? Misschien, dat ga ik ze wel proberen te leren.

Ik ben blij dat ik het zo snel kan, want het is toch vele malen leuker dan fotograferen. De paar foto’s die ik gemaakt heb, staan op mijn telefoon en ik kan er niks mee. Uitprinten ja, maar of dat nou zo’n spektakel is weet ik niet.

Tegenlicht, Maarnse Gat, dinsdag 20 september 2016

Er was sprake van een dilemma vanmorgen. Ga ik voor de televisie zitten en Prinsjesdag schetsen? Met hoedjes, (glazen) koets en Maxima? Of ga ik toch naar het Von Gimborn Arboretum om bomen te tekenen? Het dilemma was niet erg groot: het mooie weer gaf de doorslag.

Maar ik kwam nooit aan in Doorn. Na het viaduct met de A12 zag ik een bordje dat ik al vaker gezien had, maar altijd net even te laat. Nu draaide ik in een flits meteen de zijweg in. Het weggetje ging naar het Maarnse Gat. En daar wil ik mijn hele leven al naar toe. Als kind vond ik het steeds een fascinerende plek, die ik zag vanaf de achterbank van onze Citroën Diane als we op weg waren naar oma in Utrecht. Op de kale vlakte zag je eerst mooie teunisbloemen en wilgenroosjes verschijnen, daarna kleine berkjes en bramen, en daarna kon je het vanaf de snelweg niet meer zien. Het is een verlaten NS terrein, dat ’teruggegeven’ is aan de natuur, hoewel dat vroeger gewoon ‘verwaarloosd’ heette.

Nu ben ik er, meer dan veertig jaar later. Ik installeer mijn knalgele stoeltje en dreig te beginnen aan een vrij braaf uitzicht vanaf de rand van het gebied naar beneden, met water in het diepste gedeelte. Tot ik een ander potlood nodig heb en links van mij een prachtig licht zie over de uitgebloeide heide. Ik stap meteen over op deze enorme uitdaging. Want hoe teken je heel dunne struisgrasjes en dunne heidestengels met een donkere achtergrond als je alleen maar kleurpotloden hebt? De oplossing heb ik na een uur studeren: hard duwen met je lichte kleuren en zacht met de achtergrondkleur. Leuk, leuk, leuk. Weer wat geleerd.

Haan in de zon, onderweg, dinsdag 13 september 2016

Het is veel te heet om ergens in de natuur te gaan schetsen. Ik houd helemaal niet van die warmte. Voor mij is de zomer een soort winter en doe ik de dingen die je op lange winteravonden hoort te doen. Grote puzzels van 3000 stukjes en zo. Maar ja, in de winter geef ik juist les. En als ik geen les geef loop ik in de regen of wind. Conclusie: eigenlijk hoor ik thuis in Finland. Hoewel, als de opwarming doorzet moet het misschien Spitsbergen worden.

Deze haan zag ik in een flits. Een prachtige grote haan die op een stukje gras onder een treurwilg lag. Met een zonnetje op zijn kop waardoor zijn enorme kam en lel heel rood oplichtten, en een gedeelte van zijn mooie iriserende kleuren. Ik weet nog dat ik blauw en groen zag, maar waar precies weet ik niet meer. Het was een prachtig gezicht.

Deze schets heb ik uit mijn herinnering gemaakt. Dat doe ik als ik zo’n beeld graag wil onthouden, maar geen tijd of gelegenheid had om te schetsen. Vaak is dat zo met wilde dieren, mooie lichtval, zonsondergangen etc. Dingen die je vanuit de auto op een snelweg ziet, waar je niet even kunt stoppen. Thuis probeer ik de situatie met een paar lijntjes vast te leggen en met kleur de sfeer terug te halen. Meestal valt het resultaat van zo’n schets behoorlijk tegen, ook voor mij. Maar ja, het gaat om de herinnering. En uit je geheugen schetsen is een heel goede training voor het schetsen van bewegende dingen.